Helenaveen en omgeving: de laatste stukjes Brabant in het oosten

 

Helenaveen ligt aan de grens tussen Limburg en Brabant. Het werd in 1853 gesticht door de Bosschenaar Van de Griendt, die hier begon met het ontginnen van zwarte turf. Dit werd een zeer lucratieve bezigheid. Er was een drijvende turfstrooiselfabriek en het strooisel werd door heel Europa geëxporteerd. Het werd ook gebruikt als vervanger van stro in de Londense en Parijse paardenstallen van het leger en de trams.

 

De Helenavaart, waaraan zowel Helenaveen als het Limburgse Griendtsveen liggen, werd gegraven voor het transport van de turf. De ontginning ging voort tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het dorp Helenaveen is van zulke grote culturele en historische betekenis geworden, dat het in 1999 het predicaat beschermd dorpsgezicht kreeg. Helenaveen en Griendtsveen zijn de enige veenkoloniën in Zuid-Nederland.

 

Ten noorden van Helenaveen liggen de grote Peelreservaten Deurnsche Peel, en de Mariapeel en het Limburgse Grauwveen. Samen met het Nationaal Park De Groote Peel (bij Neerkant) zijn het overblijfselen van wat eens een uitgestrekt oerlandschap was van levend hoogveen.